Hoe Kobe zijn eigen kleur kreeg

Kobe was een Kameleon
die heel goed kleuren kon
niet met verf op een papier
maar met zijn lijf, dat zie je hier.

Bruin op de boom
geel op het zand
blauw in de stroom
en grijs op de kant.

In het grote bos werd hij alle kleuren groen
en Kobe kon daar zelf helemaal niks aan doen.

Kobe wilde zo graag weten:
heb ik ook een eigen kleur?
Hij kon die vraag maar niet vergeten,
al vond iedereen dat gezeur.

Voor zijn eigen kleur moest hij juist los
van al die groenen in het bos.

Los van de stroom
los van het zand
los van de boom
en los van de kant.

Dus ging Kobe uitproberen
hoe het is om los te zijn
hij sprong en sprong, maar alle keren
was zijn sprong net iets te klein

Iedereen zei tot elkaar
Die Kobe is een beetje raar.

“Hij is niet raar!, hij is juist leuk!”
Riep Lea boos, toen ze dat hoorde
“Van jullie geroddel krijg ik jeuk,
dus pas een beetje op je woorden!”

Kun je trots zijn, én verlegen?
Kobe voelde het allebei.
Hij had zojuist iets moois gekregen
en diep van binnen werd hij blij.

Hij wilde iets voor Lea doen.
Zij moest dat blije ook beleven.
Hij zou dus niet zomaar een zoen,
maar zijn kleur aan Lea geven!

Daarvoor moest hij losser dan los.
Hij zocht de hoogste boom uit van het bos.

Hij klom terwijl zijn hart stil zong,
en maakte toen de grote sprong.

Maar het enige dat hij vond
was de veel te harde grond.

Daar lag hij, veel te stil.
Lea die te laat gekomen was
gaf een harde gil
en knielde naast hem op het gras.

Kobe deed zijn ogen open
en hij wist niet wat hij zag
Hij had niet durven hopen
dat hij nu in haar armen lag.

Maar kijk, dat is bijzonder.
Daar, op Lea’s huid,
ziet Kobe een klein wonder.
“Dus zo ziet mijn eigen kleur er uit.”

Zo had Kobe toch maar even
aan Lea zijn eigen kleur gegeven.