De deur naar geluk

De deur naar geluk

Hij was er eindelijk achter waar die moest zitten.

De deur naar geluk.

Dat hij daar niet eerder aan had gedacht. Natuurlijk in dezelfde muur waar hij al zo lang zijn hoofd tegen stootte.

En dus stond hij nu voor die eindeloze muur. Zoekend. Want dat het een verborgen deur was, dat was hem ook duidelijk.

Hij deed een stap naar voren, en betaste de muur met zijn vingers. Het duurde lang voor hij het vond: een onzichtbare naad. Hij probeerde de naad naar boven te volgen, maar was die al snel weer kwijt. Ook naar beneden hield hij eerder op dan hij verwachtte. Terug, naar de plaats waar hij het laatst iets voelde. Voorzichtig voelde hij links en rechts.

Ja! Daar was het.

Toen hij de vorm helemaal gevolgd had, snapte hij waarom die eerst niet had kunnen vinden. Het was wel de vorm van een deur, maar liggend, in plaats van staand. Zwevend in het midden van de muur.

Het mechanisme kostte hem minder moeite. Hij duwde met beide handen licht tegen het midden van de deur. De bovenkant klikte zacht open. Met zijn vingers aan de bovenrand, trok hij de deur als een luik naar beneden open.

Het was schemerig daarachter. Net toen hij zijn hoofd naar voren wilde buigen om beter te kijken, deinsde hij geschrokken weer achteruit. Iemand kwam uit die schemerige ruimte door de deur getuimeld, en viel voor zijn voeten op de grond.

Toen de figuur op stond zag hij tot zijn verbazing dat hij het zelf was. Hij was zo verbaasd door deze verschijning dat hij amper opmerkte dat daarachter de muur langzaam oploste in het niets.

Zijn andere ik keek hem aan. De ogen flikkerden van herkenning.

Zijn andere ik kwam naar hem toe, en omhelsde hem.
“Natuurlijk ben jij het!” zei deze: “Bedankt! Ik wist dat het je zou lukken. De deur naar het geluk is open. Bedankt dat je me eruit hebt gelaten.”
Daarna keek deze nieuwe ik in het rond.
“En het is nog mooier dan ik had gedacht! Wat een vrijheid, wat een geluk.”
Zij andere ik draaide zich om en liep van hem vandaan. Eerst aarzelend, daarna soepel. Hij huppelde zelfs een stukje. Toen bleef de nieuwe ik staan een draaide zich nog één keer om. En zwaaide.
“Prachtig is het. Wat een mooie wereld. Nogmaals bedankt!”

Bijna automatisch zwaaide hij terug, verbaasd kijkend naar zijn nieuwe ik en de wereld.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *